Camera standen uitgelegd
Door: Thijs Schouten
Laatste update: 23 september 2026
Uitleg: welke standen zitten er allemaal op een camera?
In dit artikel leg ik uit welke standen er allemaal op een camera zitten. Het instelwiel, vaak bovenop de camera, laat veel standen zien. Maar wat is het verschil tussen al deze camera standen? En welke stand kan je het beste in welke situatie gebruiken? In dit artikel leg ik dit allemaal uit. Heb je na het lezen van dit artikel nog vragen? Laat dan een reactie achter en ik kom er zo snel mogelijk bij je op terug.
Opbouw artikel
Dit artikel heb ik opgebouwd uit de volgende hoofdstukken:
1. De belichtingsdriehoek
1.1 Het diafragma
1.2 De sluitertijd
1.3 De ISO waarden
2. Het instelwiel van de camera
3. De automatische stand
4. De scene stand
5. De program (P) stand
6. De diafragmavoorkeuze (A of Av) stand
7. De sluitervoorkeuze (S of Tv) stand
8. De handmatige (M) stand
9. De bulb (B) stand
10. Je eigen camera standen vastleggen
11. Video uitleg over camerastanden
12. Afsluiting
1. De belichtingsdriehoek
Voordat we aan de slag gaan met de verschillende camera standen moeten we eerst begrijpen hoe een goed belichte en scherpe foto wordt gemaakt. Het beste is dit uit te leggen door middel van de belichtingsdriehoek. In deze driehoek vinden we het diafragma, de sluitertijd en de ISO waarden terug. Al deze drie onderdelen moeten goed in balans zijn om een goede foto te maken. Is één van deze onderdelen uit balans? Dan is de kans groot dat je foto mislukt (bijvoorbeeld door overbelichting, onderbelichting of onscherpte). Wat ieder onderdeel uit de belichtingsdriehoek doet leg ik hieronder kort uit. Na deze uitleg ga ik verder met de verschillende camerastanden, deze regelen namelijk allemaal één of meerdere onderdelen uit de belichtingsdriehoek.
1.1 Het diafragma
Het diafragma is het onderdeel in de lens dat ervoor zorgt hoeveel licht er door de lens heen kan gaan. Dit getal wordt uitgedrukt in een getal met de letter F ervoor, bijvoorbeeld f/4. Hoe lager dit getal, des groter de lensopening en te meer licht er door de lens gaat. Dit is fijn voor situaties met weinig licht, denk aan maken van een foto in huis. Daarnaast heeft het diafragma ook invloed op het scherpstelgebied van de lens. Hoe groter het diafragma (grote opening, dus laag f-getal zoals f/4), des te kleiner het scherpstelgebied. Dit heeft als gevolg dat je onderwerp scherp in beeld komt, maar je achtergrond juist onscherp wordt. Dit is ideaal voor bijvoorbeeld portretfotografie waarbij wij het onderwerp er echt uit willen laten springen. Dit schiet je dan ook het liefst op een zo groot mogelijk diafragma (bijvoorbeeld f/2.8 of f/4). Wil je echter een landschap vastleggen? Dan wil je vaak graag dat het van voor tot achter scherp is. Dit soort beelden schieten we dan ook vaak op f/16 of misschien zelfs hoger. Onderstaand een afbeelding dat uitlegt wat het effect van het diafragma is op de scherptediepte van het beeld.

1.2 Sluitertijd
Het licht dat door de lens binnenkomt valt op de sensor van de camera. Deze sensor registreert het beeld en zet dit om in een digitaal beeld wat uiteindelijk de digitale foto wordt. Hoelang het beeld op de sensor valt is heel bepalend voor de foto. Hoelang het beeld wordt opgevangen door de sensor wordt bepaald door een sluiter (soort gordijntje) wat voor de sensor zit. Deze gaat een bepaalde tijd open en weer dicht. Hoelang hij open blijft staan regel je met de sluitertijd wat weer wordt uitgedrukt in seconde, zoals 1/1000 (een 1000e van een seconde). Hoe korter de sluitertijd, des te meer het beeld bevroren wordt. Het risico van een te korte sluitertijd is alleen dat er te weinig licht binnenkomt met een onderbelichte foto als resultaat. Pakken we een wat langere sluitertijd, zoals een sluitertijd van 1/160e, dan kunnen we beweging vastleggen. Denk hierbij aan de beweging van vleugels van vliegende vogels. Het risico van een lange sluitertijd is alleen dat er teveel licht binnenkomt met een overbelichte foto als gevolg. Onderstaand een illustratie dat uitlegt wat het effect van de sluitertijd is op de beweging van het beeld.

1.3 ISO waarden
Het laatste onderdeel uit de belichtingsdriehoek is de zogenaamde ISO waarde. De ISO waarde bepaald de lichtgevoeligheid van de sensor. Hoe gevoeliger de sensor, des te beter deze licht kan zien, zelfs als er weinig licht aanwezig is. De ISO waarde wordt uitgedrukt in een getal zoals ‘ISO 200’. De laagste waarde bij veel camera’s is ISO 100, maar bij sommige camera’s kan je zelfs naar 50 gaan. De hoogste ISO waarde verschilt ook per camera, maar veel camera’s gaan tot ISO 6400 of zelfs hoger. Zoals gezegd zorgt een hoge ISO waarde voor een hoge lichtgevoeligheid van de sensor waardoor we in situaties met weinig licht alsnog kunnen fotograferen. Wel kleeft er een nadeel aan een hoge ISO waarde, namelijk ‘ruis’. Een sensor bestaat uit verschillende cellen die tezamen het beeld vormen. Hoe hoger de gevoeligheid, des te minder goed de verschillende cellen met elkaar samenwerken met foutjes als gevolg. Dit zie je in de foto terug als kleine puntjes / korreltjes. Onderstaand een illustratie dat laat zien wat het effect van ISO is op de hoeveelheid ruis in het beeld. Hoeveel ruis er daadwerkelijk in de foto komt hangt heel erg af van de camerasensor. Hoe nieuwer de sensor, des te beter deze met ruis om kan gaan. Daarnaast kunnen grote sensoren (zoals fullframe sensoren) beter met ruis omgaan dan camera’s met kleine sensoren (zoals APS-C sensoren).

Tip: Wil je niet teveel bezig zijn met de ISO waarden? Zet hem dan op AUTO. In dit geval zal de camera zelf de beste ISO waarde bij de door jou gekozen instelling zoeken. Maar let op, het kan dus ook zijn dat de camera een hoge ISO waarde gebruikt met ruis als gevolg.
2. Het instelwiel van de camera
Nu we weten wat we allemaal kunnen aanpassen in de camera kunnen we dieper in de verschillende camerastanden duiken. Het instellen van de camerastand gebeurt in vrijwel alle gevallen bovenop de camera middels het zogenaamde instelwiel. Op dit instelwiel vinden we verschillende camera standen uitgedrukt in afkortingen met één of twee letters welke ik hieronder zal toelichten. Heeft jouw camera geen instelwiel? Dan is de kans groot dat je deze instellingen terug kan vinden op de achterkant van de camera of in het menu. Let wel, iedere camerafabrikant gebruikt weer zijn eigen afkorting. Om deze reden zal ik per camerastand de benaming van zeven merken benoemen: Canon, Nikon, Sony, Fujifilm, OM System (voorheen Olympus), Panasonic en Pentax. Heb je een ander merk? Grote kans dat je de benoemde afkorting ook op jouw camera terug kan vinden, want de meeste fabrikanten houden dezelfde afkortingen aan.

3. De automatische stand van een camera
In de automatische zal de camera alle instellingen uit de belichtingsdriehoek voor jou regelen. Zo stelt de camera zelf de sluitertijd, het diafragma en de ISO waarde in. Hierbij kijkt de camera naar de situatie en vergelijkt deze met duizenden foto’s die in de software van de camera zit. Gebaseerd op al deze foto’s pakt hij de beste instellingen waarna de foto gemaakt wordt. En is er te weinig licht? Dan zal de camera automatisch de flitser gebruiken. De automatische stand is dan ook een ideale stand voor de beginner. Je hoeft je namelijk niet druk te maken met alle instellingen en kan gewoon een foto maken. Wil je echter meer controle over je beeld? Dan moet je overstappen naar een andere camera stand.
| Camera merk | Benaming automatische stand |
|---|---|
| Canon | A+ (groen) |
| Nikon | AUTO (groen) |
| Sony | AUTO (groen) |
| Fujifilm | AUTO, of het AUTO-schuifje bovenop de camera |
| OM System (Olympus) | iAUTO (vervallen op de nieuwste modellen) |
| Panasonic | iA |
| Pentax | AUTO (groen) |
4. De scene stand van een camera
In de scene stand van de camera heb je meer controle over het beeld dat je gaat maken. In deze stand vertel je namelijk de camera wat voor soort foto je wilt gaan maken waarna de camera de daarbijbehorende instellingen zal gebruiken. Het werkt als volgt: als je de camera op de scene stand zet krijg je een aantal opties. Denk hierbij aan portret, landschap of sport. Als we vervolgens een stand kiezen, bijvoorbeeld landschap, dan zal de camera instellingen gebruiken die het beste bij dit type fotografie passen. Denk bijvoorbeeld aan een klein diafragma (f/16) bij landschapsfotografie of juist een groot diafragma (f/4) voor portretfotografie. Welke en hoeveel scenes een camera heeft verschilt per merk en per model. Heb je een semi-professioneel of professioneel fototoestel? Dan is er ook een kans dat er geen scene stand op de camera zit omdat je dan vaak gebruikt maakt van de P, A, S of M-stand.
| Camera merk | Benaming scene stand |
|---|---|
| Canon | SCN |
| Nikon | SCENE |
| Sony | SCN |
| Fujifilm | SP (Scene Position) |
| OM System (Olympus) | SCN |
| Panasonic | SCN |
| Pentax | SCN |
5. De program (P) stand van een camera
De program stand van een camera is het beste te vergelijken met de automatische stand, maar dan met nog meer controle. Zo berekent de camera in deze stand zelf de beste instellingen voor diafragma en sluitertijd en kan je zelf de ISO waarden instellen. Daarnaast gebruikt hij alleen de flitser wanneer jij dat wilt. Verder kan je ook de instellingen voor sluitertijd en diafragma corrigeren door middel van één van de andere draaiknoppen op jouw camera (meestal terug te vinden bovenop of achterop de camera). Draai je het wieltje naar links of rechts, dan zal de camera het diafragma en daarbij behorende sluitertijd aanpassen. Zo heb je meer controle over je foto zonder al teveel te hoeven nadenken.
| Camera merk | Benaming program stand |
|---|---|
| Canon | P |
| Nikon | P |
| Sony | P |
| Fujifilm | P (of beide ringen op A) |
| OM System (Olympus) | P |
| Panasonic | P |
| Pentax | P |
6. De diafragmavoorkeuze (A of Av) stand van een camera
In de diafragmavoorkeuze stand pas je zelf het diafragma en de ISO waarden aan waarna de camera zelf de beste sluitertijd erbij zal zoeken. Dit geeft je veel controle over het scherpstelgebied. Schiet je een portret? Ga dan voor een zo laag mogelijk diafragma getal (zoals f/2.8). Wel je meer scherpte in je beeld, omdat je bijvoorbeeld een landschap vastlegt? Ga dan voor een zo hoog mogelijk diafragma getal (zoals f/16). Onderstaand nogmaals de illustratie wat het effect van het diafragma op de scherptediepte laat zien.

| Camera merk | Benaming diafragmavoorkeuze stand |
|---|---|
| Canon | Av |
| Nikon | A |
| Sony | A |
| Fujifilm | A (sluitertijdknop op A, diafragma zelf kiezen) |
| OM System (Olympus) | A |
| Panasonic | A |
| Pentax | Av |
Wat betekent A op de camera?
De Engelse benaming van diafragma is Aperture Value en om deze reden is de diafragmavoorkeuze stand uitgedrukt met een A (Sony en Nikon) of Av (Canon) op het instelwiel.
7. De sluitertijdvoorkeuze (S of Tv) stand van een camera
In de sluitertijdvoorkeuze stand pas je zelf de sluitertijd en de ISO waarden aan waarna de camera zelf het beste diafragma erbij zal zoeken. Dit geeft je veel controle over de beweging in je foto. Wil je actie vastleggen? Ga dan voor een zo hoog mogelijke sluitertijd (bijvoorbeeld 1/1250 of hoger) om zo het moment te bevriezen. Wil je beweging in je beeld, bijvoorbeeld draaiende wielen van een auto? Ga dan voor een langzamere sluitertijd (zoals 1/100e). Onderstaand twee foto’s om het effect van sluitertijd in de praktijk te zien. Rechts een foto met een snelle sluitertijd, hierin wordt het onderwerp bevroren. Links een foto met een langere sluitertijd, hierin zien we echt de beweging van de auto. Onder de afbeeldingen laat ik nogmaals de eerder getoonde illustratie zien met het effect van sluitertijd op beweging.


| Camera merk | Benaming sluitertijdvoorkeuze stand |
|---|---|
| Canon | Tv |
| Nikon | S |
| Sony | S |
| Fujifilm | S (diafragmaring op A, sluitertijd zelf kiezen) |
| OM System (Olympus) | S |
| Panasonic | S |
| Pentax | Tv |
Wat betekent S op de camera?
De Engelse benaming van sluitertijd is Shutter-priority en om deze reden is de sluitertijdvoorkeuze stand bij Sony en Nikon uitgedrukt met een S op het instelwiel.
Wat betekent Tv op de camera?
Bij Canon wordt sluitertijd uitgedrukt als Time Vale. Het geeft immers aan hoelang licht op de sensor moet komen. Om deze reden is de sluitertijdvoorkeuze stand bij Canon uitgedrukt met een Tv op het instelwiel.
Tip voor Pentax-fotografen: op het instelwiel van een Pentax vind je nog twee standen die andere merken niet hebben. Bij Sv (Sensitivity value) stel jij alleen de ISO waarde in, waarna de camera zelf het diafragma en de sluitertijd erbij zoekt. En bij TAv (Time and Aperture value) doe je precies het omgekeerde: jij kiest zowel je sluitertijd als je diafragma, en de camera regelt de ISO waarde. Die TAv-stand is eigenlijk hetzelfde als wat ik zelf doe, namelijk fotograferen in de handmatige stand met de ISO op automatisch. Fotografeer je met een Pentax? Dan is TAv een hele fijne opstap naar volledig handmatig werken.
8. De handmatige (M) stand van een camera
In de handmatige stand pas je zelf alle onderdelen van de belichtingsdriehoek aan. Zo kies je zelf je sluitertijd, zelf je diafragma en zelf je ISO waarden. Hierdoor heb je de volledige controle over het beeld. Persoonlijk gebruik ik altijd deze stand omdat het mij zoveel controle geeft. Wel zet ik vaak de ISO op auto zodat ik mij enkel bezig hoef te houden met de sluitertijd en het diafragma. Als ik bijvoorbeeld een vogel vastleg, dan ga ik voor een snelle sluitertijd (1/1600) in combinatie met een laag diafragma (f/4). Onderstaand een voorbeeld foto die ik op de handmatige stand heb gemaakt zodat ik de complete controle over mijn beeld had. Wil je meer weten over de instellingen die ik gebruik bij het fotograferen van vogels? Lees dan dit artikel.

| Camera merk | Benaming handmatige stand |
|---|---|
| Canon | M |
| Nikon | M |
| Sony | M |
| Fujifilm | M (beide ringen handmatig) |
| OM System (Olympus) | M |
| Panasonic | M |
| Pentax | M |
Wat betekent M op de camera?
De Engelse benaming van handmatig is Manual en om deze reden is de handmatige stand bij Canon, Sony en Nikon uitgedrukt met een M op het instelwiel.
9. De bulb (B) stand van een camera
De bulb stand van de camera is een stand die speciaal is ontwikkeld voor opnames met een hele lange sluitertijd. Denk hierbij aan nachtfotografie. In deze stand pas je namelijk eerst het diafragma en de ISO waarde aan, maar wordt de sluitertijd bepaald door hoelang jij op de ontspanknop drukt. Hou je deze knop 30 seconde ingedrukt, dan zal de sluiter 30 seconde openstaan. Dit maakt de bulb stand een ideale stand voor situaties met heel weinig licht. Als je bijvoorbeeld een sterrenhemel wilt vastleggen. Let er alleen wel op dat je een statief en afstandsbediening gebruikt. Anders is de kans groot dat je bewogen beelden krijgt.
| Camera merk | Benaming bulb stand |
|---|---|
| Canon | B, of in de M-stand voorbij 30 seconden |
| Nikon | In de M-stand voorbij 30 seconden |
| Sony | In de M-stand voorbij 30 seconden |
| Fujifilm | B op de sluitertijdknop |
| OM System (Olympus) | B (met LIVE TIME en LIVE COMP) |
| Panasonic | In de M-stand voorbij 60 seconden |
| Pentax | B |
Wat betekent B op de camera?
De ontspanknop van hele oude camera’s werkte doormiddel van een rubberen bal waarin je moest knijpen. Deze bal, in het Engels ook wel Bulb genoemd, wordt nu niet meer gebruikt maar de benaming wordt nog wel gebruikt. En om deze reden is de bulb stand bij Canon, Sony en Nikon uitgedrukt met een B op het instelwiel. Let wel, niet iedere camera beschikt over een Bulb stand.
10. Je eigen camera standen vastleggen
Heb je een bepaalde stand of instelling die je graag gebruikt? Leg deze dan vast! Veel camera’s beschikken namelijk over speciale ‘User’ of ‘Custom’ camera standen. In deze stand geef je aan welke instellingen de camera moet onthouden waarna de camera deze zal onthouden. Stel bijvoorbeeld een stand in met een hele snelle sluitertijd en een andere met een hele langzame. Dit geeft je de mogelijkheid om snel tussen situaties te schakelen. Vooral bij sport en natuurfotografie kan het wel eens handig zijn om je eigen instellingen vast te leggen. Het ene moment ben je beweging aan het vastleggen, maar op het andere moment is er actie en wil je het beeld bevriezen. Hiervoor moet je je instellingen compleet omgooien en dan is het schakelen tussen twee eigen camera standen vaak de snelste handeling. Hieronder twee foto’s waarbij ik zelf moest schakelen. Het ene moment was ik de motorrijder aan het vastleggen met beweging (foto links), en het andere moment viel de rijder en moest ik snel schakelen om het beeld te bevriezen (foto rechts)

| Camera merk | Benaming eigen standen |
|---|---|
| Canon | C1, C2, C3 |
| Nikon | U1, U2, U3 |
| Sony | 1, 2, 3 (Memory Recall), en bij de nieuwe camera’s ook * |
| Fujifilm | C1 tot en met C4 (X-S serie) |
| OM System (Olympus) | C1 tot en met C4 |
| Panasonic | C1, C2, C3 |
| Pentax | U1, U2, U3 (soms tot U5) |
11. Video uitleg over camerastanden
Leer je liever door te kijken dan door te lezen? In onderstaande video loop ik de belangrijkse camerastanden nog een keer met je langs en laat ik zien wat er in de praktijk gebeurt als je van stand wisselt. Vind je de video nuttig? Dan waardeer ik het enorm als je je abonneert op mijn kanaal, dan mis je geen enkele nieuwe video.
12. Afsluiting
Dit was mijn gehele uitleg omtrent camera standen. Ik hoop dat je er wat aan hebt gehad en dat je met deze kennis op zak nog mooiere foto’s gaat maken. Heb je na het lezen van dit artikel nog vragen of opmerkingen? Laat dan een berichtje achter en ik kom er zo snel mogelijk bij je op terug! Wil je nog meer leren over fotografie? Neem dan eens een kijkje bij onderstaande boeken van Pixfactory. Tenslotte wens ik je veel fotoplezier!
Camera winkels:
Wil je een camera kopen? Dan kan ik je een van onderstaande camera winkels met harte aanbevelen. Ook kan je eens kijken naar mijn andere artikelen waarin ik uitleg geef over camera’s en lenzen.
Nederlandse Winkels
Coolblue.nl
Kamera-express.nl
CameraNu
Cameraland
Belgische Winkels
Coolblue.be
Kamera-express.be
Meer artikelen: camera’s
» Beste systeemcamera’s 2025
» Beste spiegelreflexcamera’s 2025
» Beste compact camera’s 2025
» Beste instant camera’s 2025
» Beste vlog camera’s 2025
Meer artikelen: fotografie tips
» Bekijk al mijn artikelen (meer dan 200 artikelen)
Helder en overzichtelijk artikel! Fijn om even snel te raadplegen om de ‘kennis’ op te frissen.
Bedankt voor je mooie bericht Ad!
Groet
Thijs
Een hele duidelijke uitleg bedankt
Bedankt voor je reactie en leuk om te lezen dat je er wat aan hebt gehad! 🙂
Dag Thijs,
Kan jij bevestigen dat de “Sweet” zone van de diafragma op een systeem camera als bijvoorbeeld de Canon EOS R6 Mark II op f8 het beste tot zijn recht komt door de enorme goede scherpte dieptes en dat f16 bijna niet nodig is voor landschappen of dergelijke als ik aankomende zomer op Sicilië ga testen met mijn nieuwe speeltje? Om geen risico’s te nemen heb je wat tips en zijn de onderstaande tips (zie afbeeldingen) geloofwaardig of heb je andere adviezen om zoveel mogelijk risico’s te vermijden, alhoewel ik thuis al heb ondervonden dat deze camera puike plaatjes schiet.
Ik kan maar 1 afbeelding plaatsen in een bericht, denk ik. Vandaar dat ik de andere twee afbeeldingen in een vervolg reactie zet. Het gaat over de setups C1, C2 en C3 voor Sicilië
Dank je voor je reactie!
Groetjes,
Wim
Hi Wim,
Nog dank voor je berichten en excuus voor mijn verlate reactie.
Het was een drukke maand en ik kwam nog niet eerder toe aan je mailtjes, maar bij deze!
Wbt het diafragma. Het verschilt ook een beetje per lens en situatie. Zelf schiet ik in steden, als ik bv details wil vastleggen, vaak op f4 of 5.6. Niet alles hoeft dan scherp. Wil ik echter de architectuur vastleggen, dan pak ik juist wel een hoger getal zoals inderdaad f8 of soms zelfs f11 (afhankelijk welke lens).
Wbt de schemering, met de R6 mark II kan je prima zonder statief werken. Je kan immers hoog in de ISO (kan de camera makkelijk aan) en zo prima landschappen vastleggen. Maarja, wil je het zekere voor het onzekere, dan is een statief wel weer handig. Het is net even de vraag hoelaat (lees hoe weinig licht er is) je gaat schieten. Er is zoals je merkt niet echt 1 antwoord, sorry haha!
Verder zou ik inderdaad alles lekker in RAW vastleggen, dan kan je ontzettend veel uit de nabewerking halen.
Hopelijk kom je hiermee weer een stukje verder. 🙂
Groet,
Thijs